Agenda Artikelen Zoeken Contact Partners Auteurs
 
0
filters actief
Kaart weergeven
 
Alle items weergeven
Agenda
advies aan de jonge kunstenaar
Agenda
AiR
Art&Music
Blog
Expositie
Interview
Openbare ruimte
Opinie
Praktijk
Publicatie
Recensie
Snacks
Uit de archieven
Video
WKDNX
XTRA
Created with Sketch.

#4 The graduates 2018, AKV | St. Joost Bachelor beeldende kunst Breda

Met In blijde verwachting werd in december 2017 een bijzondere gebeurtenis voor de beeldende kunst AKV | St. Joost Breda aangekondigd. Beschreven als de roze wolk van de naderende bevalling van het eindexamen, maar wel collectief, als musical. ‘Dit geeft ons de mogelijkheid om het gehele tentoonstellen te heroverwegen en te herzien. Wat is de betekenis van het aspect tijd? Wat kent een hoofdrol, wat kent een bijrol? Waar bevindt het publiek zich? En, hoe heeft de academie de afgelopen jaren invloed gehad op hetgeen wat wij maken en hoe wij denken?’

Krap een half jaar later is C-Section een feit. Van alle romantiek ontdaan en vernoemd naar de Ceasarean Section ofwel keizersnede. Deze verwijzing is evident, deze expositie is noodzakelijk maar niet natuurlijk. Maar trouw aan hun keuze en besluit om de regie niet uit handen te geven, hebben zij de musicalvorm van het ontluikende kunstenaarsbestaan tot in detail uitgewerkt. Van begin tot einde nemen ze de bezoeker mee in hun musical zonder uit hun rol te vallen. En als bezoeker kun je niet anders dan je daarin te berusten.

Het begon met het verzoek via de mail om een kaartje te bestellen, zonder kaartje geen toegang tot de musical. Er was wel een keuze, niet iedere voorstelling is hetzelfde al hangen ze wel zeer nauw met elkaar samen. In totaal zijn er vijf aktes: Expositie, Intrige, Climax, Catastrofe en Peripetie, en worden in twaalf voorstellingen opgevoerd. Deze verschaffen respectievelijk inzicht over het vertrekpunt van de musical; de introductie van het conflict; het hoogtepunt van de spanning; de uitbarsting die alle conflicten zichtbaar maakt en de afwikkeling van het verhaal waar niet een uitkomst maar nieuwe vragen zich aandienen.

Mijn ervaring beperkt zicht tot de Catastrofe. Bij aankomst werden we verzameld bij de trappen van het academiegebouw en opgesplitst in groepen die de begeleider, al dan niet gids, volgden. Razendsnel werden we naar het verkoopdeel geloodst. ‘Dit is de commerciële ruimte, kijkt u gerust rond. U kunt hier iets kopen. Volgt u mij.’ Om door te lopen naar de meer als expositie herkenbare ruimtes, andere groepen tegenkomend, statements die door elkaar en soms in samenhang werden uitgesproken. ‘Woord, Woord, Woord.’ Van zaal tot zaal, waar werken verplaatst werden, opdrachten uitgedeeld: Zorg dat mensen de zaklamp van hun telefoon aandoen. Een monoloog die de rauwe realiteit schetst van het merendeel van de kunstenaars in Nederland. Uitgesproken in de rode zaal wat de kenmerkende kleur was die iedereen droeg, minus één die in het groen gekleed was.
En dan een stilte, een moment van rust, bezinning, met tederheid worden de handen van een bezoeker gewassen, en door gaat het weer. ‘Waar is mijn groep, volgt u mij.’ Wederom van zaal tot zaal. ‘Hier zijn de toiletten, u kunt er nu gebruik van maken. Volgt u mij.’ Totdat we ontheven worden van de kakofonie in georkestreerde chaos met de inzet van het lied, Houd moed en werk hard.

Observatie van slechts één acte kan geen recht doen aan het geheel dat gebaseerd is op het klassieke toneel en geleid door alle studenten die samen de C-Section vormen. Iedere student heeft een andere rol op zich genomen; regie, dramaturgie, productie, vormgeving en natuurlijk de input voor het geheel. Esther Schaminée, de dramaturg in kwestie, licht de opzet van de musical toe: ‘We begonnen met het uitgangspunt dat het afstuderen, de presentatie anders wilden laten zijn dan voorheen. We kozen voor een vorm die op het eerste gezicht volstrekt verschillend lijkt, een musical. Niets dat doet herinneren aan een expositie, echter bij een musical is amusement en commercie volledig geaccepteerd, wat dan toch weer niet zo ver af staat van een traditionele eindexamenexpositie. Verdere analyse bracht ons bij de klassieke opbouw van het theater, vijf aktes, waarbij we aan iedere ruimte een scène hebben toegekend. Elke scène heeft zijn eigen onderzoeksvraag, zo is er een scène die de traditie van eindexamententoonstelling bevraagd, een scène voor een enkel werk met een moment van rust. Een scène die de tijdelijkheid, en daarmee veranderlijkheid bevraagd. De scène van informatie waar proces en hulpmiddelen aanwezig zijn voor de toeschouwer in de vorm van de opslag van allerlei materialen en werken. En dan is er de scène die de collectiviteit bevraagd, daar worden onder andere individuele artist talks opgevoerd. De laatste scène kijkt terug op de traditie, maar daarbij plaatsen we onszelf opnieuw in een traditie. Daarnaast is er nog een commerciële ruimte, die de commercie nadrukkelijk bevraagd. Deze laatste ruimte is, in tegenstelling tot de andere ruimtes, altijd toegankelijk voor publiek.’

En dan de plaats van handeling zelf, uiteraard in meer of mindere mate het speelveld voor de werken die toch ook gedurende het jaar zijn gemaakt. Afstuderen is nog steeds een individuele aangelegenheid. Het tonen van de werken is dan wel volledig gerelateerd aan de aard van de omgeving en de intenties van de maker. Er staan werken die bewust onderdeel uitmaken van de opslag, die zich verhouden tot de glossy omgeving van de commerciële ruimte (met vloerbedekking van de TEFAF), of wel meegaan in de pretentie van de tentoonstelling, maar met die overeenkomst dat er nergens namen en titels staan. Een statement binnen het statement dat verschillende reacties oproept wat soms pijnlijk kan zijn maar ook noodzakelijk anders is er niets gebeurd. ‘Er is geen middenweg, mensen vinden het niet goed of houden er juist van, ook uit het kunstenveld. We weten hoe conservatief deze kan zijn, maar de rigide reacties zijn soms verbazingwekkend. Irritatie omdat ze de namen niet kunnen vinden. Slechts een paar minuten hebben ze en als ze dan het werk niet kunnen zien, dan is het een probleem en word je niet gescout.’

Hoewel de werken op zichzelf staan, en soms een meer concrete rol opeisen in de musical dan anderen, wordt met name de cirkel rond gemaakt door de toevoeging van de onderzoeker. Iedere dag heeft Esther Schaminée als werk, een andere onderzoeker uitgenodigd, niet per definitie vanuit de kunst, die vanuit zijn of haar praktijk onderzoek doet naar C-Section, The Musical. Niet als symbolische handeling maar continuering van het onderzoekende karakter van deze expositie. De laatste onderzoeker is kunsthistoricus. Hij onderzoekt het collectief, wat hij doet op basis van bronnen namelijk de archiefkasten die zich in de ruimte van informatie bevinden. Hij beschouwt niet het werk, maar legt een relatie met de jaren 80 als dé periode dat collectieven en anderszins aanverwante samenwerkingen ontstonden op basis van noodzaak, creërend vermogen en het gebruiken van de opportuniteit. Een groot verschil met toen is de kraakscene, die indertijd de basis legde voor acties en samenwerkingen, wat nu niet meer aan de hand is. In de jaren 80 was alles politiek, en kraken was een reactie die daaruit voortkwam. De acties nu zijn harmonieuzer, de noodzaak is niet bitter. Alles is in harmonie geconstrueerd, maar wel met weeffouten in het systeem die op zijn tijd onthuld worden.

Uiteindelijk is het exposeren van het eindexamen de ontmaskering van het groepsgevoel, er wordt nog even de schijn opgehouden dat je er samen naar toe hebt gewerkt, maar vanaf de eerste bezoeker is het ieder voor zich. De standvastigheid om als groep, zo lang dit kan duren, het systeem te irriteren is niet alleen lovenswaardig, het is ook erkend. De waardering voor excellentie in de vorm van de uitreiking van de St. Joostpenning is nu niet voor het individu maar voor de gehele C-Section. Een bekroning van een intense periode die zij zichzelf als collectief oplegden, waarvoor er botsingen geriskeerd werden die op zichzelf inherent zijn aan de spanning van het afstuderen, maar ook de basis legden voor de ideeën. Een waardering voor de positie die zij durfden te kiezen en wellicht een symptoom van veranderingen binnen de kunstwereld die, hoe kan het ook anders, juist vanuit de kunst zelf tot stand moet komen.

 

2 juli 2018, Breda


 
Auteur:
Esther van Rosmalen

Beukenlaan 3, Breda, Nederland

Het collectief C-Section wordt gevormd door alle afgestudeerden van de afdeling beeldende kunst van het AKV | St. Joost Breda van 2018. Als klas bij elkaar gebracht door het onderwijs, besloten ze vervolgens gezamenlijk om collectief af te studeren aan de academie. In de afstudeershow C-Section, The Musical bevroegen zij de geldende conventies van eindexposities. Waar deze regulier de individuele kunstenaars exposeren en de werken statisch en op ruime onderlinge afstand plaatsen, presenteerde C-Section hier tegenover het collectief met een dynamische wijze van exposeren waarin de bezoeker werd meegenomen en de werken steeds wisselende verhoudingen met elkaar aangingen.

Ook werd duidelijk vermeld dat de musical géén oplossing of antwoord was op deze traditionele wijze van exposeren, maar een onderzoek naar hoe het anders kan.

De afstudeerders bachelor beeldende kunst van AKV | St Joost tonen hun werk in een eindpresentatie van 30 juni tot en met 4 juli 2018.

 
praktijk:
#1 The graduates 2018, AKV | St. Joost Bachelor beeldende kunst ‘s-Hertogenbosch
En dan is het zover, na vier jaar samen studeren breekt het moment aan om je werk en jezelf te presenteren in de eindexamenexposit...
 
praktijk:
#2 The graduates 2018, AKV | St. Joost Master Fine Art ’s-Hertogenbosch
Verscholen achter de Verkadefabriek en het Werkwarenhuis te ’s-Hertogenbosch liggen de Kaaihallen waar de masterstudenten beelde...
 
praktijk:
#3 The graduates 2018, Sint Lucas Antwerpen Master Fine Art
Aan alles komt een einde, studenten transformeren zich naar alumni en markeren deze overgangsfase met een laatste groet aan het ge...