Agenda Artikelen Zoeken Contact Partners Auteurs
 
0
filters actief
Kaart weergeven
 
Alle items weergeven
Agenda
advies aan de jonge kunstenaar
Agenda
AiR
Art&Music
Blog
Expositie
Interview
Openbare ruimte
Opinie
Praktijk
Publicatie
Recensie
Snacks
Uit de archieven
Video
WKDNX
XTRA
Created with Sketch.

Gedachten over appropiatie

In deze tekst bespreek ik kort het werk van verschillende kunstenaars vanuit de begrippen readymade, appropiatie en objet-trouvé. Dit artikel is een vervolg op Gedachten over bricolage.

Binnen de beeldende kunst zijn er veel stromingen en kunstenaars waarin appropiatie een rol speelt. Er zijn verschillende vormen van toe-eigening te onderscheiden, waarbij het objet-trouvé en de readymade waarschijnlijk de bekendste zijn.
De readymade is onderdeel van het idee van objet-trouvé. Het gaat hierbij in principe over een industrieel object dat gepresenteerd is binnen de kunstcontext. De readymades impliceren dat alles dat als kunst verkocht kan worden, kunst is. Het werk ‘Fountain’ (1917) van Marcel Duchamp is daar de aanleiding van. Duchamp ging met een artistieke gevoeligheid om met het object: het werd een kwartslag gedraaid, verloor daarmee zijn functie, werd voorzien van handtekening en op een sokkel geplaatst. Deze regels van Duchamp vormden een bevrijding doordat de bestaande beperkingen opgerekt werden. Het kunstwerk is bovenal conceptueel, de betekenis van het werk ligt niet in het materiaal. De readymades vormen een manifest, een uitspraak, een oproep om te discussiëren over wat kunst nu eigenlijk is. Het doel van het kunstwerk werd verplaatst van ‘kunst om te bekijken’ naar ‘kunst om te gaan denken’.

Bij het objet-trouvé hoeft het gevonden object niet perse op zichzelf te staan maar mag het onderdeel worden van een assemblage. Het heeft dan de ruimte om tot materiaal te verworden, een ‘halffabricaat’ dat opgenomen wordt in een kunstwerk. Jim Dine gebruikte bijvoorbeeld assemblage van objecten om het werk als een toevallige aanwezigheid te presenteren. Hierbij werd geen symbolische of plastische betekenissen aan het object toegekend. Die betekenissen zijn in het werk van Joseph Beuys wel heel belangrijk. Zowel objecten als materialen worden toegeëigend en ingezet als materiaal. Bij het inzetten als materiaal wordt de toe-eigening ondergeschikt aan het materiaal-zijn. Aan de hand van bepaalde materialen ontwikkelde Beuys een eigen systeem van betekenissen. Bij het ‘begrijpen’ van het beeld wordt de toeschouwer gevraagd om niet alleen te kijken, maar ook zijn intuïtie in te zetten.

Christo en Jeanne-Claude gebruiken toe-eigening op een heel andere manier. Hun werkwijze vind plaats vanuit een geheel andere houding dan de werkwijze van een bricoleur, maar het resultaat ervan, de omgang met het toe-eigenen en het materiaal vormt een helder contrapunt.
In hun projecten eigenen ze zich een gedeelte van de openbare ruimte toe en voegen een nieuwe laag materiaal toe. Het ‘doel’ wat daarmee bereikt kan worden is om mensen op een andere manier te laten kijken naar de omgeving. Wat daarin opvalt is dat het werk een lange voorbereidingstijd vraagt maar uiteindelijk een zeer tijdelijk bestaan heeft. Het duo geeft aan dat er helemaal geen betekenis achter het werk gezocht moet worden, maar dat het puur gaat om de esthetiek ervan.
Anders dan bij het objet-trouvé gaat het niet altijd om een object en blijft het geappropieerde fysiek aanwezig in zijn eigen omgeving. De context blijft dus hetzelfde, maar het onderwerp van het toe-eigenen ondergaat een verandering.

Andere hedendaagse kunstenaars die zich heel duidelijk bezighouden met appropiatie zijn Seth Price en Gedi Sibony. Price gebruikt de appropiatie als onderzoeksgebied en is daarbij vooral gefocust op het fenomeen ‘Dispersion’; de verspreiding van dingen of mensen over een groot gebied. Dit onderzoek vind zowel online als offline plaats in beeld, muziek en tekst. Door het ‘remixen’ van alles wat hij opneemt in zijn werk vind er een constante verschuiving van betekenissen plaats. Het objet-trouvé wordt hier steeds weer opnieuw bevraagd, vervormd en toegepast. Het onderzoek gaat daardoor ook over beschikbaarheid van informatie en bezit en kan gezien worden als metafoor om inzicht te verkrijgen in hoe wij daar mee omgaan.

Deze politieke lading vinden we ook in het werk van Gedi Sibony. Hij werkt heel duidelijk als bricoleur, altijd op zoek naar materiaal, waarbij hij weggegooide materialen zoals karton, plastic buizen en tapijt verzameld vanuit zijn omgeving.
Vanuit de ervaring van het leven in de wereld stelt hij vragen. Hoe kunnen we kijken naar dingen in de wereld? Wanneer zouden we moeten kijken naar de dingen in de wereld? En hoe gaan we daarmee om?
Sibony’s werk is als een gedicht dat op poëtische manier die zoektocht weergeeft. De vorm die het werk uiteindelijk aanneemt ontstaat vaak door assemblage in het atelier. Dit wordt pas in de presentatie (tijdelijk) definitief en gaat altijd een relatie aan met de architectuur van de ruimte (header afbeelding).

Het is interessant om zowel materialen als concepten te herzien en opnieuw in te zetten. We hoeven het wiel niet meer uit te vinden maar kunnen nieuwe vragen stellen en stellingen innemen door het hergebruiken van wat we al hebben. Het inzetten van appropiatie is daar een voorbeeld van. Ik ben mij ervan bewust dat ik vanuit een bepaalde vanzelfsprekendheid werk omdat er op dit gebied al heel veel verworven is binnen de kunst. Daardoor ben ik vrij om al die vormen in te zetten als het werk dat vraagt.
De meerwaarde van het bewustzijn van die verworvenheden is dat ze geen onderwerp van het maken meer hoeven zijn, waardoor ze gelijk worden aan het materiaal en hetzelfde doel kunnen dienen: de toeschouwer aan het denken zetten. Zoals Duchamp dat wilde bereiken door zijn readymades, zoals Christo en Jeanne-Claude met hun projecten en Seth Price in zijn onderzoek door beeld, muziek en tekst.


 
Auteur:
Jorieke Rottier

Vlissingen, Nederland

Onderweg is een serie artikelen over kunstenaars, gedachten en onderwerpen waarmee ik kennis maak binnen mijn praktijk als beeldend kunstenaar. Elk artikel is een korte, subjectieve introductie.

Heb je een leestip, vraag of opmerking?
Mailen mag altijd: jorieke@witterook.nu

 
onderweg:
Eva Hesse: materialisatie van de mentale ruimte
Hoe kan een mentale ruimte verbeeld worden in materiaal? Wat is de mentale ruimte voor mij? Hoe wordt deze zichtbaar in materiaal?...
 
beeldblog:
#2 - De maakbare mens
Een tijdje geleden bezocht ik de expositie 'De Maakbare Mens' in het Dolhuys museum in Haarlem. Op basis van de intense sfeer in ...
 
onderweg:
Gedachten over bricolage
Een belangrijk onderdeel van mijn werkproces is het vinden van materialen. Het verzamelen van deze materialen vind plaats vanu...